Diabetes onder controle

Met diabetes kun je in principe alles… als je maar weet wat jouw lichaam aan kan én je op tijd maatregelen treft waarmee je je bloedglucosespiegel in balans houdt. Met andere woorden: als je de diabetes maar onder controle hebt.

Diabetes mellitus

Diabetes mellitus (DM) is een chronische stofwisselingsziekte die gepaard gaat met een te hoog bloedglucosegehalte, doordat het lichaam niet (meer) in staat is om glucose op te nemen uit het bloed. Insuline is nodig om glucose goed te verwerken. Een tekort aan insuline wordt veroorzaakt door een fout in de aanmaak van insuline (DM type 1) of door ongevoeligheid voor insuline (DM type 2). Langdurige blootstelling aan verhoogde bloedglucose leidt tot complicaties van de grote bloedvaten (hartinfarct, beroertes, pijn aan ledematen) en de kleine bloedvaten bijvoorbeeld in ogen (diabetische retinopathie), nieren (nefropathie) en zenuwen (neuropathie). Optreden van complicaties is afhankelijk van de ernst en de duur van de ziekte, maar zeker ook van de mate waarin iemand zijn/haar bloedglucosespiegel onder controle heeft.

Zelfcontrole

Regelmatig meten van de bloedglucosewaarden is een zeer belangrijk deel van de behandeling van diabetes. Zelfcontrole blijkt bij te dragen aan optimale beheersing van de bloedglucosewaarden. Het helpt immers diabetespatiënten om inzicht te krijgen in het effect van behandeling en leefstijl. De gemeten waarden bieden aanknopingspunten om te anticiperen. Goede bloedglucoseregulatie is belangrijk voor patiënt en behandelaar.

De patiënt
Zelfcontrole biedt real time bloedglucosewaarden die de patiënt inzicht geven in aard en verloop van het ziektebeeld. Deze informatie kan worden gebruikt om:

  • effecten vast te stellen van potentieel ontregelende invloeden zoals afwijkingen in maaltijden, bijzondere inspanning, lichamelijke en/of psychologische stress of bijkomende ziekten;
  • de insulinedosis te bepalen of aan te passen;
  • het gebruiken van insuline of de verdeling van de insulinetoediening over de dag te bepalen of aan te passen;
  • acute ontregelingen – met name hypo- en hyperglykemie – tijdig te herkennen.

 

De behandelaar
Ook voor behandelaars kan zelfcontrole belangrijke informatie opleveren. De meetgegevens blijven over een langere periode bewaard en beschikbaar voor het diabetes behandelteam. Hierdoor ontstaat een vollediger beeld over de dynamiek van het bloedglucosegehalte. Behandelaars hoeven niet meer alleen af te gaan op gemeten waarden tijdens of voorafgaand aan het consult die per definitie momentopnamen zijn.

Hulpmiddelen bij zelfcontrole

Zelfmanagement is essentieel voor mensen met diabetes, voor hun gezondheid en voor een optimale kwaliteit van leven. De eigen bloedwaarden goed en veilig kunnen controleren, is hiervoor een belangrijke randvoorwaarde. Geen mens met diabetes is hetzelfde, dus ‘one size fits all’ geldt niet voor de diabetes hulpmiddelen bij zelfcontrole. Het zoeken naar de juiste middelen bij de juiste persoon is maatwerk.

 

  • Bloedglucosemeters en testmaterialen
    Iedere diabetespatiënt heeft recht op een passende bloedglucosemeter. Men moet daarbij kunnen kiezen uit een breed aanbod van meters, waarbij kwaliteit, het functioneren van de patiënt en doelmatigheid voorop staan. De keuze voor een bloedglucosemeter wordt gemaakt in de spreekkamer, door de diabetespatiënt en zijn behandelaar samen en op basis van een functioneringsgericht voorschrift
    Zie ook NDF Toolkit 'Persoonsgerichte Hulpmiddelenzorg'. Op deze pagina staan tools die kunnen ondersteunen bij het functioneringsgericht voorschrijven van hulpmiddelen en gezamenlijke besluitvorming. , Een mooi voorbeeld van persoonsgerichte diabeteszorg en preventie.

    Minder prikken, meer meten
    Er zijn inmiddels ook bloedglucosesensoren op de markt die onder de huid worden geplaatst en continu de bloedglucosespiegel meten. Er zijn twee manieren om te meten.
    o continue glucosemeter (CGM); meet continu bloedglucosewaarden die worden weergegeven op de insulinepomp of op de smartphone
    o flash glucosemeter (FGM); waarden zijn afleesbaar door de sensor te scannen

  • Insulinepomp
    De behandeling van diabetes mellitus bestaat onder meer uit het toedienen van insuline. Insuline kan via een insulinepomp toegediend worden. Een insulinepomp is geschikt voor een kleine groep patiënten. Er zijn verschillende soorten insulinepompen, zowel met een infuusslangetje als draadloze. U kunt de opties met de diabetesverpleegkundige bespreken. De meeste pompen zijn waterdicht zodat u deze niet hoeft los te koppelen bij het douchen of zwemmen.

Veilig, betrouwbaar en gebruikersvriendelijk

Iemand met diabetes moet 24 uur per dag zijn/haar bloedsuikerspiegel in balans houden. Zelfcontrole en zelfmanagement spelen een belangrijke rol bij de instandhouding van dit delicate evenwicht. Hierbij zijn diabetes hulpmiddelen onmisbaar. Zij vormen een klinisch bewezen onderdeel in het optimaliseren van de therapie.
Fabrikant en/of leverancier van diabetes hulpmiddelen dragen een grote verantwoordelijkheid voor kwaliteit en veiligheid. Diabetes hulpmiddelen moeten voldoen aan Europese regelgeving voor medische hulpmiddelen. Om de kwaliteit van zelfcontrole te garanderen zijn door alle betrokkenen in het veld afspraken gemaakt. Deze afspraken zijn vastgelegd in de NDF Kwaliteitsstandaard diabeteshulpmiddelen.