Hoe werkt diagnostiek

Om laboratoriumonderzoek te kunnen doen, is lichaamsmateriaal nodig, zoals bloed, urine of weefsel. Dit wordt bij de patiënt afgenomen en buiten de patiënt zelf onderzocht. Met deze zogenoemde ‘monsters’ worden vervolgens allerlei onderzoeken gedaan, bijv. naar aanwezigheid of concentraties van bepaalde stoffen of ziekteverwekkers. Vaak gebeurt dit onderzoek in een laboratorium in een ziekenhuis, maar er zijn ook onderzoeken die een huisarts zelf kan doen, of die op afdelingen van ziekenhuizen kunnen worden verricht.
 
In toenemende mate komen ook zelftests beschikbaar, die patiënten in staat stellen om thuis bepaalde waarden te meten. Zo kunnen diabetespatiënten met een bloedglucosemeter zelf hun eigen bloedglucosegehalte bepalen en zo nodig hun medicatie aanpassen. Een ander bekend voorbeeld van een zelftest is de zwangerschaptest.
De apparatuur en reagentia die men gebruikt bij laboratoriumonderzoek worden in vitro diagnostica (IVD) genoemd.
 
Meer informatie over de betekenis van laboratoriumonderzoek voor een medische behandeling, over de wijze waarop diagnostische testen werken en over beschikbare tests is te vinden op de interactieve website www.medischlab.nl

 

Gepubliceerd op:  17 januari 2013 5835 x bekeken