26 miljoen voor NIPT als eerste test

Het ministerie van VWS trekt 26 miljoen euro uit voor een subsidieregeling voor de gedeeltelijke vergoeding van de niet-invasieve prenatale test (NIPT) in een onderzoekssetting.
Vanaf 1 april volgend jaar kan iedere vrouw die dat wil, meteen kiezen voor NIPT, laat het ministerie in een persbericht weten. Zij moet daarvoor wel een eigen bijdrage betalen van 175 euro. Dat is ongeveer evenveel als de kosten van de combinatietest, die nu ook voor rekening van de zwangere vrouw komen. De NIPT screent op het syndroom van Down, Edwards en Patau (respectievelijk trisomie 21, 18 en 13). Sinds april 2014 kunnen vrouwen al voor de test kiezen als uit de combinatietest een verhoogde kans blijkt op deze aandoeningen.

Minister Schippers benadrukt in het persbericht dat deelname een individuele keuze blijft van de zwangere vrouw: ‘De NIPT is geen routinetest. De keuze om te screenen is een persoonlijke afweging. Ik hecht dan ook groot belang aan goede en objectieve informatie vooraf zodat vrouwen goed geïnformeerd kunnen beslissen om deel te nemen of juist niet.’

In juli 2016 adviseerde de Gezondheidsraad de minister om vergunning te verlenen voor proefinvoering van NIPT voor alle zwangere vrouwen die willen weten of hun foetus een ernstige afwijking heeft, zoals downsyndroom. Nadeel van NIPT, meldde de Gezondheidsraad destijds, is de kans op nevenbevindingen: andere bevindingen bij de foetus en de vrouw dan de chromosoomafwijkingen waarnaar werd gezocht. De kans daarop kan worden verkleind door het gebruik van een analysefilter, maar het is onduidelijk of de kwaliteit van de test daardoor wordt aangetast. De Gezondheidsraad vindt onderzoek daarnaar noodzakelijk.

De minister volgt met haar besluit het advies van de Gezondheidsraad op de vergunningsaanvraag van de acht universitair medische centra. Dat betekent dat vrouwen voor de NIPT uitsluitend bij deze umc’s terecht kunnen.
Gepubliceerd op:  22 september 2016 427 x bekeken