Code aangepast: wijzigingen per 2014

De KNMG en de NVZ zullen in 2014 toetreden tot de GMH. In dat kader is nog een keer gekeken naar de GMH in relatie tot de specifieke code die voor artsen en ziekenhuizen gelden. Er is vastgesteld dat de uitgangspunten van de GMH en de wijze waarop deze uitgangspunten zijn uitgewerkt in concrete gedragsregels door alle partijen breed worden onderschreven. Wel is een tweetal aanvullingen op de GMH wenselijk: de verplichte herkenbaarheid van medewerkers van leveranciers tijdens bijeenkomsten en de voorkoming van belangenverstrengeling bij totstandkoming van richtlijnen.
De GMH code wordt in 2014 op een aantal punten aangepast.
 
1.       Herkenbaarheid medewerkers leveranciers tijdens bijeenkomst
 
De GMH kent een aantal bepalingen over de voorwaarden waaronder leveranciers van medische hulpmiddelen een financiële bijdrage mogen leveren aan de deelname van zorgprofessionals aan bijeenkomsten (artikel 8 t/m 12 GMH). Daarbij is echter niet geregeld dat medewerkers van leveranciers die een dergelijke bijeenkomst zelf ook bijwonen, als zodanig herkenbaar moeten zijn. Een dergelijke bepaling wordt wenselijk en nuttig geacht en vanuit het bestuur van de GMH wordt voorgesteld om aan artikel 8 een nieuw (vijfde) lid toe te voegen, te weten:
 
Artikel 8 lid 5
 
Indien vertegenwoordigers van een leverancier aanwezig zijn op een bijeenkomst waaraan zorgprofessionals deelnemen, dienen zij te allen tijde als zodanig herkenbaar zijn, bijvoorbeeld door het dragen van een badge.
 
Aldus wordt ook aangesloten bij de regeling op dit punt van de Stichting Code Geneesmiddelenreclame (CGR).
 
2.       Betrokkenheid bij totstandkoming richtlijnen/Code belangenverstrengeling
 
Vastgesteld is dat in de GMH geen aandacht wordt besteed aan de betrokkenheid van de medisch hulpmiddelenindustrie bij de ontwikkeling van richtlijnen e.d. Het wordt wenselijk geacht hier wel het een en ander over te regelen, waarbij relevant is dat er ten aanzien van dit onderwerp inmiddels een andere code tot stand is gekomen, de ‘Code ter voorkoming van oneigenlijke beïnvloeding door belangenverstrengeling’. De organisaties van artsen en ziekenhuizen hebben deze code wel onderschreven; de organisaties van leveranciers van hulpmiddelen zijn niet bij deze ontwikkeling betrokken geweest.  Zij achten het echter wenselijk om ook vanuit het veld van de medische hulpmiddelen aansluiting te zoeken bij deze Code, en vanuit het bestuur van de GMH is voorgesteld om een nieuw artikel 18 in te lassen in de GMH, te weten:
 
Artikel 18. Betrokkenheid bij totstandkoming adviesrapporten, richtlijnen
 
  1. Zorgprofessionals die deelnemen aan commissies die zich bezig houden met het opstellen van (wetenschappelijke) adviesrapporten of behandelrichtlijnen, handelen overeenkomstig de ‘Code ter voorkoming van oneigenlijke beïnvloeding door belangenverstrengeling‘.
  2. Leveranciers onderschrijven de ‘Code ter voorkoming van oneigenlijke beïnvloeding door belangenverstrengeling’.
Ter toelichting hierop wordt in de Toelichting bij de GMH de volgende tekst opgenomen:
 
In 2012 is de ‘Code ter voorkoming van oneigenlijke beïnvloeding door belangenverstrengeling’ (hierna: Code belangenverstrengeling’) in werking getreden. Deze Code is opgesteld door de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen, Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst, Gezondheidsraad, Centraal BegeleidingsOrgaan, Nederlands Huisartsen Genootschap en Orde van Medisch Specialisten en wordt door een groot aantal andere organisaties onderschreven.
 
Met de Code belangenverstrengeling wordt gewaarborgd dat de deelnemers aan commissies (zoals breed gedefinieerd in deze Code) die een bijdrage leveren aan adviesrapporten en richtlijnen een onbevooroordeelde inbreng kunnen hebben van hun kennis en. Daarom is het uitgangspunt van de Code belangenverstrengeling dat persoonlijke en zakelijke belangen van zorgprofessionals die deelnemen aan wetenschappelijke adviesraden of andere commissies die behandelrichtlijnen of adviesrapportenopstellen, transparant worden gemaakt. Door in artikel 18 van de Gedragscode Medische Hulpmiddelen expliciet te verwijzen naar deze Code belangenverstrengeling wordt niet alleen bereikt dat de zorgprofessionals die zijn aangesloten bij een koepelorganisatie die deze Code reeds hebben onderschreven hier nog eens aan worden herinnerd, maar wordt tevens gestimuleerd dat ook andere zorgprofessionals zich hieraan conformeren. Hetzelfde geldt voor leveranciers; in het tweede lid van artikel 18 onderschrijven zij de uitgangspunten van de Code belangenverstrengeling.
Gepubliceerd op:  12 november 2013 1237 x bekeken
Gerelateerde artikelen

Conceptregeling medisch hulpmiddelen: Taaleisen gebruiksaanwijzing IVDs

Op 16 december is de conceptregeling medisch hulpmiddelen gepubliceerd. Daarin wordt vastgehouden aan het huidige beleid: voor medisch hulpmiddelen die uitsluitend worden gebruikt door professionele zorgverleners kan de informatie in het Engels en hoeft de informatie (zoals de IFU) niet vertaald te worden.

21 januari 2020162 x bekeken

GMH Advies 19.03: context geven geschenk is relevant

Een leverancier mag een redelijke en passende attentie uitsluitend aan een zorgprofessional geven bij een eenmalige, persoonlijke gebeurtenis. Het mag niet als deze attentie wordt gegeven in het kader van de (huidige of toekomstige) commerciële relatie tussen leverancier en de zorgprofessional in diens rol als (huidige of toekomstige) klant. Dit volgt uit een recent advies van de GMH.

18 december 2019200 x bekeken

GMH Trainingen 2020

De GMH organiseert ook in 2020 wederom een aantal trainingen over de Gedragscode Medische Hulpmiddelen. Deze staan gepland op woensdagochtend 26 februari, 13 mei, 9 september en 25 november (09.30 – 12.30 uur) in het Van der Valk Hotel Houten.

22 oktober 2019697 x bekeken