Genetica van belang bij doseren vitamine K-antagonisten bij kind

Kennis over de juiste dosering van vitamine K-antagonisten bij kinderen is nog beperkt. Kennis over onder meer genetische factoren kunnen leiden tot kwaliteitsverbetering van de behandeling. Dit blijkt uit promotieonderzoek van december 2018 waarover het Pharmaceutisch Weekblad onlangs berichtte.
Kinderen en het gebruik van vitamine K-antagonisten (VKA’s) is een combinatie die relatief zeldzaam is. In Nederland zijn er per jaar ongeveer vijfhonderd kinderen (<18 jaar) die VKA’s gebruiken, omdat zij een trombose hebben of een verhoogd risico hebben op het ontwikkelen ervan. Veelal hebben zij een aangeboren of verworven hartafwijking.

Door het lage aantal kinderen dat een VKA gebruikt is de kennis over het gebruik van deze middelen bij kinderen beperkt. Eerder onderzoek in Nederland liet zien dat kinderen in meer dan 50% van de tijd te veel of te weinig waren ontstold gedurende het eerste jaar van de behandeling.

Van alle deelnemers aan het onderzoek werd veel informatie verzameld de behandeling van deze patiënten in zowel de ziekenhuizen als de trombosediensten die betrokken waren bij hun behandeling. Daarnaast stonden de patiënten een speekselmonster af voor de genotypering van zeven genetische variaties in vijf genen (VKORC1, CYP2C9, CYP4F2, CYP2C18 EN CYP3A4).

De kennis over de genotypes bleek van groot belang voor het vaststellen van doseringsmodellen. 

Hedy Maagdenberg promoveerde op 10 december 2018 op het proefschrift Precision anticoagulation with vitamin K antagonists in children.
Klik hier voor meer informatie en hier voor het proefschrift.
Gepubliceerd op:  18 december 2019 878 x bekeken