Gezondheidsraad bezint zich over belangenverstrengeling

Naar aanleiding van de discussie over de belangen van professor Meijer bij de advisering over het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker heeft de Gezondheidsraad nadere maatregelen genomen om oneigenlijke beïnvloeding door belangenverstrengeling te voorkomen.

Zo heeft de Gezondheidsraad de procedures om oneigenlijke beïnvloeding te voorkomen en de onafhankelijkheid van de advisering te waarborgen aangepast. Bij de beslissing over de rol die deskundigen kunnen spelen bij de totstandkoming van adviezen van de GR zal meer maatwerk worden gehanteerd worden. Het principe van proportionaliteit is daarbij leidend. Bij de beslissing over deelname aan een commissie gelden de volgende uitgangspunten.

  1. Deskundigen die persoonlijk financieel gewin kunnen hebben bij de uitkomst van een advies, kunnen geen rol spelen in de totstandkoming van dat advies
  2. Een deskundige die geen persoonlijk financieel belang heeft, maar wel een ander, scherp af te bakenen belang, kan lid worden van de commissie met de beperking dat hij buiten de beraadslaging wordt gehouden bij het onderwerp waarop zijn belang betrekking heeft. Hierbij kan het bijvoorbeeld gaan om iemand die een onderzoeksbelang heeft, die deel uitmaakt van een onderzoeksinstituut met een belang of die als adviseur optreedt voor een bedrijf.
  3. Een deskundige die een (niet persoonlijk financieel) belang heeft dat niet scherp af te bakenen is, wordt geen lid van de commissie. Wel kan zo iemand geraadpleegd worden door de commissie.
  4. Deskundigen die werken bij een dienstonderdeel van een ministerie (ambtenaren) kunnen geen lid worden van de commissie. Wel kunnen zij geraadpleegd worden via een hoorzitting, interview of deelname aan een of meer vergaderingen op uitnodiging van de commissie.
  5. Vertegenwoordigers van de opdrachtgevende ministeries zijn aan de commissie toegevoegd als waarnemer. Zij hebben geen zeggenschap en dragen geen verantwoordelijkheid voor het advies, maar leveren feitelijke informatie en toelichting op d e adviesvragen aan.

Nieuwe commissies worden vanaf 1 november 2015 volgens deze uitgangspunten samengesteld.

Daarnaast zal openheid over belangen een cruciaal onderdeel van de procedures vormen om oneigenlijke beïnvloeding tegen te gaan. Deskundigen die een bijdrage leveren aan de advisering door de Gezondheidsraad een belangenverklaring moeten invullen. Op grond daarvan beslist de voorzitter van de raad welke rol een deskundige kan spelen bij een advies, eventueel na raadpleging van de Presidiumcommissie. De belangenverklaring is niet alleen bedoeld voor de (leiding van) de Gezondheidsraad zelf, maar wordt ook actief gedeeld met collega-commissieleden en met de buitenwereld. De procedures op dit gebied worden verder uitgebreid en aangescherpt.

Voor de brief van de Gezondheidsraad aan de minister van VWS: klik hier

Gepubliceerd op:  12 november 2015 816 x bekeken