HPV-thuistest even effectief als uitstrijkje

Een test waarbij vrouwen zelf thuis cellen uit de vagina kunnen afnemen en naar het laboratorium opsturen voor onderzoek op aanwezigheid van HPV, werkt net zo goed om voorstadia van baarmoederhalskanker op te sporen als een uitstrijkje dat bij de huisarts wordt gemaakt. Dat stelt Maaike Dijkstra van het VUmc.

Volgens Dijkstra zullen vrouwen die nu niet deelnemen aan het bevolkingsonderzoek dat door de thuistest in de toekomst wellicht wel doen. Door betere selectie hoeven sommige vrouwen bovendien maar eens in de tien in plaats van vijf jaar te worden onderzocht.

Alle vrouwen tussen de 30 en 60 jaar ontvangen iedere vijf jaar een uitnodiging om deel te nemen aan het bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker. Deze ziekte is wereldwijd een van de meest voorkomende soorten kanker.

Bij de deelnemers wordt een uitstrijkje gemaakt dat vervolgens wordt onderzocht op voorstadia van baarmoederhalskanker. Deze worden veroorzaakt door bepaalde typen van het humaan papillomavirus, hoog-risico HP (hrHPV), die gedurende meer dan tien jaar kunnen leiden tot baarmoederhalskanker. Dijkstra onderzocht hoe HPV-tests kunnen worden gebruikt in het bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker.

Ongeveer twee derde van de vrouwen neemt deel aan het bevolkingsonderzoek. Aangezien 55 procent van de gevallen van baarmoederhalskanker worden vastgesteld bij niet-deelnemers is het belangrijk om de deelname te vergroten. Dijkstra onderzocht daarom de effectiviteit van een HPV-thuistest. Uit het onderzoek blijkt dat de gevoeligheid om voorstadia op te sporen van de thuistests vergelijkbaar zijn met die van de reguliere uitstrijkjes. Volgens Dijkstra kan de thuistest dus worden opgenomen in het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker als middel om vrouwen op te sporen die risico lopen.

Ook concludeert ze dat vrouwen van boven de veertig die negatief testen op hrHPV pas tien jaar later, in plaats van vijf jaar, opnieuw hoeven te worden onderzocht.

Gepubliceerd op:  25 mei 2014 826 x bekeken