Inzet genexpressietest ligt deels buiten indicatiegebied richtlijn borstkanker

Genexpressieprofielen worden relatief vaak gebruikt in Nederland om de besluitvorming rond adjuvante chemotherapie te ondersteunen bij patiënten met een vroeg stadium van borstkanker, hoewel dat niet in alle gevallen wordt aanbevolen in oncologische richtlijnen. Dat blijkt uit onderzoek van Kay Schreuder (IKNL) en collega’s. Ook stellen zij vast dat de uitslag van genexpressieprofielen niet altijd wordt nageleefd. Dit duidt op de behoefte aan reproduceerbare en objectieve instrumenten om deze besluitvorming beter te kunnen onderbouwen.
In Nederlandse richtlijnen worden genexpressieprofielen als mogelijkheid aangegeven voor patiënten met vroege borstkanker met een positieve oestrogeenreceptor bij wie het voordeel van chemotherapie onzeker is op basis van enkel traditionele, prognostische factoren. Een hoog risico op het genexpressieprofiel  pleit voor toediening van chemotherapie.

De onderzoekers hebben het gebruik en het effect van genexpressieprofielen beoordeeld bij het verstrekken van adjuvante chemotherapie aan patiënten met borstkanker die volgens landelijke richtlijnen een duidelijke indicatie hebben om wel of juist géén adjuvante chemotherapie (klinisch hoog of laag risico op het ontwikkelen van metastasen) te krijgen. Deze groep patiënten valt dus buiten het indicatiegebied van een genexpressieprofiel en zou op basis van de traditionele prognostische factoren al een duidelijk beleid hebben.

In totaal werden 26.425 patiënten geïdentificeerd in de NKR. Bij 4,8% van de patiënten met een klinisch laag risico (444/9.354) en 7,5% van de patiënten met een klinisch hoog risico (1.281/17.071) werd het genexpressieprofiel bepaald. Het gebruik van genexpressieprofielen bleek samen te hangen met een significant verhoogde kans op het krijgen van chemotherapie bij patiënten met een klinisch laag risico. Bij patiënten met een klinisch hoog risico hing de inzet van genexpressieprofielen samen met een lagere frequentie van het geven van chemotherapie. De naleving van de uitslag van de genexpressietest was hoger bij patiënten met een hoog risico en een conflicterende uitslag (72%) in vergelijking met patiënten met een klinisch laag risico en een conflicterende uitslag (52%).

De onderzoekers concluderen dat genexpressieprofielen relatief vaak in Nederland worden gebruikt om besluitvorming rond adjuvante chemotherapie te ondersteunen, hoewel in oncologische richtlijnen duidelijke aanbevelingen staan voor het wel of niet geven van chemotherapie. Verder stellen zij vast dat de naleving van de uitslag van genexpressietesten beperkt is bij patiënten met een laag of hoog risico, terwijl het gebruik van genexpressieprofielen een significante invloed heeft op de besluitvorming rondom chemotherapie. Dit duidt volgens de onderzoekers op de behoefte onder clinici aan reproduceerbare en objectieve instrumenten om hun besluitvorming beter te onderbouwen.

Klik hier voor meer informatie.

 

Gepubliceerd op:   5 oktober 2017 730 x bekeken
Gerelateerde artikelen

Nieuwe bloedtest kan borstkanker vijf jaar voor de eerste knobbel opsporen

Britse onderzoekers van de Universiteit van Nottingham hebben een bloedtest ontwikkeld die borstkanker in een vroeg stadium kan opsporen, tot wel vijf jaar voordat de eerste symptomen verschijnen. Hiermee kunnen duizenden levens worden gered, omdat de ziekte beter te behandelen is als deze vroeg wordt ontdekt. De nieuwe techniek zou op termijn de mammografie kunnen vervangen.

6 november 201917 x bekeken

70-genenprofiel leidt tot beter op gebruik chemotherapie bij vroege borstkanker

Borstkanker kan steeds beter worden behandeld. Niet iedere patiënt reageert echter even goed op medicatie. Het gebruik van een genexpressieprofiel, zoals het 70-genenprofiel, draagt bij aan een betere selectie van patiënten die met aanvullende systemische therapie behandeld worden. Dat blijkt uit een studie uit Utrecht.

2 september 201949 x bekeken

Nieuwe genen gevonden die resistentie veroorzaken bij medicatie borstkanker

De genen ERAS en IRS4 zorgen voor een snellere tumorgroei en zijn verantwoordelijk voor de resistentie tegen medicatie bij patiënten met HER2+ tumoren, een agressieve vorm van borstkanker. Dat blijkt uit recent promotieonderzoek van Gerjon Ikink aan de Amsterdam UMC.

17 oktober 2018185 x bekeken