NZa advies bekostiging huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg

De NZa heeft een advies opgesteld over de bekostiging van huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg. Dit naar aanleiding van de adviesvraag van de minister van VWS (VWS) over de bekostiging van deze zorg. Het advies van de NZa is geschreven vanuit de optiek: een toekomstbestendige bekostiging in het licht van bovenstaande ontwikkelingen, ondersteunend en waar mogelijk stimulerend in het verstevigen van de eerste lijn.

De minister van VWS heeft de NZa gevraagd advies uit te brengen over de vormgeving van het nieuwe bekostigingsmodel waarvan de hoofdlijnen in de zomer van 2013 zijn vastgelegd in het eerstelijnszorgakkoord. In voorliggend advies schetst de NZa hoe de toekomstige bekostiging van huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg vorm zou moeten krijgen en welke stappen per 2015 en verder gezet kunnen worden om gefaseerd toe te werken naar dit eindmodel.
Achtergrond van de nieuwe bekostiging is een omslag in de zorg die al is ingezet en verder zal doorzetten. Er komt veel af op de eerstelijnszorg in het algemeen en de huisartsenzorg in het bijzonder. Uitgangspunt is dat het groeiende aantal mensen met een chronische en/of complexe zorgvraag, zoveel als mogelijk en verantwoord, in de buurt terecht kan.

Die vraag om zorg en ondersteuning in de buurt richt zich primair op eerstelijns hulpverleners binnen en buiten de zorg, zoals huisartsen, wijkverpleegkundigen en maatschappelijk werkers. Maar vaak zal samenwerking met andere zorg- en hulpverleners ook nodig zijn. Om te voorkomen dat complexere zorgvragen te snel in de tweede lijn terecht komen, zullen minder complexe en niet primair geneeskundige zorgvragen slimmer, sneller en/of beter afgehandeld moeten worden. En er zullen meer zorgvragen in de formele zorg voorkomen moeten worden, onder andere door te stimuleren dat zorgvragen verholpen worden via zelfzorg. Dit alles vraagt om organisatie en samenwerking.
Voor de huisartsenzorg betekent dit dat gevraagd wordt zich (nog) meer toe te leggen op die gebieden waarop competenties het hardst nodig zijn; elke huisartsenminuut kan maar één keer worden besteed. Naast het zelf blijven verlenen van huisartsgeneeskundige zorg betreft dat het zorginhoudelijk leiding geven aan het praktijkteam (taakdelegatie) en het afstemmen met zorg- en hulpverleners buiten de huisartsenzorg. Het optimaal inzetten van de competenties moet zorgen voor meer substitutie van tweede- naar eerstelijnszorg, meer preventie en meer zelfmanagement, zodat onnodige zorgkosten worden voorkomen. 

Klik hier voor het Advies Bekostiging huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg.

 

Gepubliceerd op:   4 maart 2014 808 x bekeken