Screenen prostaat redt 300 mannenlevens per jaar

Door bevolkingsonderzoek onder mannen van 55 en tot 59 jaar zouden jaarlijks driehonderd Nederlanders minder aan prostaatkanker hoeven te sterven. Dat blijkt uit een groot Europees onderzoek onder leiding van Erasmus Universiteit.
Anders dan bij bijvoorbeeld de screening op borstkanker, is er bij overheden aarzeling over grootschalig preventief onderzoek naar kanker in de prostaat. Verhoogde bloedwaarden, de eerste test bij deze aandoening, hoeven lang niet altijd te beteken dat iemand kanker heeft of daaraan zal overlijden. Gevreesd wordt daarom dat grootschalig onderzoek veel mannen onnodig belast met (de mogelijkheid van) kanker. Bestaande behandelingen kunnen (tijdelijke) impotentie of verstoring van de mannelijke hormoonproductie betekenen. Grootschalig onderzoek kost bovendien geld.
 
De onderzoekers hebben de gegevens van de mannen tussen de 55 en 69 jaar opnieuw berekend en losgelaten op allerlei vormen van screening - van helemaal niet tot jaarlijks op deze leeftijd. De variant waarin mannen tussen de 55 en 59 tweejaarlijks worden gecontroleerd, komt als beste uit de bus. Het aantal doden door prostaatkanker daalt daarin met 13 procent. Dat betekent voor Nederland, waar jaarlijks naar schatting 2400 mannen door deze ziekte overlijden, ieder jaar ruim driehonderd slachtoffers minder.
 
De onderzoekers gaan ervan uit dat de behaalde gezondheidswinst (meer jaren dat zieke mannen leven) gemiddeld met een kwart wordt gedrukt door onzekerheid bij de groep mannen die mogelijk helemaal niet ziek zijn. Zelfs dan stijgt de gemiddelde 'gezonde levensverwachting' van mannen nog aanmerkelijk. Per extra gezond levensjaar zijn de kosten voor deze screening ongeveer vergelijkbaar met die van baarmoederhalskanker, waarvoor al wordt gescreend.
 
Volgens de Rotterdamse hoogleraar Harry de Koning kan de gezondheidswinst alleen worden behaald door een landelijke screening, waaraan acht van de tien mannen meedoen. De beslissing om ook op deze vorm van kanker bevolkingsonderzoek uit te voeren, is volgens De Koning aan de politiek. De Nederlandse Vereniging voor Urologie noemt het onderzoek 'een stap voorwaarts' maar waarschuwt dat het gevaar blijft dat een grote groep mannen ten onrechte ongerust wordt of onnodige behandelingen ondergaat. 
Gepubliceerd op:  28 januari 2015 702 x bekeken