ZiNL publiceert gewijzigde procedure voorwaardelijke toelating

Een uitbreiding van de voorwaardelijke toelatingsprocedure zal de komende jaren geëvalueerd worden. Zorginstituut Nederland heeft de consequenties van het nieuwe beleid op een rij gezet.

Sinds 1 januari 2012 heeft de minister van VWS de mogelijkheid om interventies die niet voldoen aan het criterium ‘de stand van de wetenschap en praktijk’ voorwaardelijk toe te laten tot het basispakket van de Zorgverzekeringswet (Zvw). De voorwaarde bestaat uit de eis van het verzamelen van gegevens over de effectiviteit (en zonodig de kosteneffectiviteit) binnen een bepaalde periode. Deze gegevens moeten Zorginstituut Nederland in staat stellen om aan het einde van die periode te beoordelen of de interventie voldoet aan ‘de stand van de wetenschap en praktijk’.

De minister heeft nu besloten de procedure voor voorwaardelijke toelating tot het basispakket op verschillende onderdelen uit te breiden. Het gaat vooralsnog om een pilot waarin de gewijzigde procedure zal worden beproefd en het betreft de uitvoering in de periode 2014-2017. Naast geneeskundige zorg en extramurale geneesmiddelen wordt voorwaardelijke toelating ook mogelijk voor extramurale hulpmiddelen.

Om de procedure beter aan te laten sluiten op de negatieve standpunten die door het Zorginstituut worden uitgebracht, verzoekt de minister het Zorginstituut om voortaan bij ieder negatief standpunt na te gaan of de interventie mogelijk een kandidaat is voor voorwaardelijke toelating (top-down). Bij een positieve conclusie daarover hebben partijen vervolgens de mogelijkheid een dossier (met o.a. een onderzoeksvoorstel) binnen drie maanden in te dienen.

Wilt u meer weten over de uitbreiding van de procedure en wat bijvoorbeeld de mogelijke gevolgen zijn voor betrokken partijen, lees dan de volledige uitvoeringstoets inzake voorwaardelijke toelating. 

Gepubliceerd op:  25 september 2014 757 x bekeken